< السورة السابقة | فهرس السور | السورة التالية >



حدد حجم خط الآيات
()


بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ إِذَا ٱلشَّمْسُ كُوِّرَتْ ۝١

Als de zon zal opgevouwen worden.

وَإِذَا ٱلنُّجُومُ ٱنكَدَرَتْ ۝٢

Als de sterren zullen vallen.

وَإِذَا ٱلْجِبَالُ سُيِّرَتْ ۝۳

Als de bergen in beweging gebracht zullen worden.

وَإِذَا ٱلْعِشَارُ عُطِّلَتْ ۝٤

Als de kameelen hunne wijfjes zullen verlaten.

وَإِذَا ٱلْوُحُوشُ حُشِرَتْ ۝٥

Als de wilde dieren bijeen verzameld zullen worden.

وَإِذَا ٱلْبِحَارُ سُجِّرَتْ ۝٦

En als de zeeën zullen koken.

وَإِذَا ٱلنُّفُوسُ زُوِّجَتْ ۝۷

Als de zielen weder met hare lichamen zullen vereenigd worden.

وَإِذَا ٱلْمَوْءُۥدَةُ سُئِلَتْ ۝۸

Als aan het meisje, dat levend wordt begraven, zal gevraagd worden.

بِأَىِّ ذَنۢبٍۢ قُتِلَتْ ۝۹

Voor welke misdaad zij ter dood gebracht werd;

وَإِذَا ٱلصُّحُفُ نُشِرَتْ ۝١۰

Als de boeken opengelegd zullen worden.

وَإِذَا ٱلسَّمَآءُ كُشِطَتْ ۝١١

En als de hemelen ter zijde gebracht zullen worden.

وَإِذَا ٱلْجَحِيمُ سُعِّرَتْ ۝١٢

Als de hel met gedruis zal branden.

وَإِذَا ٱلْجَنَّةُ أُزْلِفَتْ ۝١۳

En als het paradijs naderbij gebracht zal worden.

عَلِمَتْ نَفْسٌۭ مَّآ أَحْضَرَتْ ۝١٤

Dan zal elke ziel weten, wat zij verricht heeft.

فَلَآ أُقْسِمُ بِٱلْخُنَّسِ ۝١٥

Waarlijk, ik zweer bij de teruggaande sterren.

ٱلْجَوَارِ ٱلْكُنَّسِ ۝١٦

Die zich snel bewegen en zich verbergen,

وَٱلَّيْلِ إِذَا عَسْعَسَ ۝١۷

En bij den nacht als die invalt.

وَٱلصُّبْحِ إِذَا تَنَفَّسَ ۝١۸

En bij den morgen als die verschijnt.

إِنَّهُۥ لَقَوْلُ رَسُولٍۢ كَرِيمٍۢ ۝١۹

Dat dit de woorden van den eerbiedwaardigen gezant zijn,

ذِى قُوَّةٍ عِندَ ذِى ٱلْعَرْشِ مَكِينٍۢ ۝٢۰

Begaafd met kracht, en met waardigheid in het aangezicht van den bezitter van den troon,

مُّطَاعٍۢ ثَمَّ أَمِينٍۢ ۝٢١

Gehoorzaamd door de engelen, die onder zijn bevel staan en gelooven.

وَمَا صَاحِبُكُم بِمَجْنُونٍۢ ۝٢٢

Uw makker Mahomet is niet bezeten.

وَلَقَدْ رَءَاهُ بِٱلْأُفُقِ ٱلْمُبِينِ ۝٢۳

Hij heeft hem reeds aan den helderen gezichteinder gezien.

وَمَا هُوَ عَلَى ٱلْغَيْبِ بِضَنِينٍۢ ۝٢٤

En hij verdenkt de geheimen niet, die hem werden geopenbaard.

وَمَا هُوَ بِقَوْلِ شَيْطَٰنٍۢ رَّجِيمٍۢ ۝٢٥

Dit zijn niet de woorden van een gesteenigden duivel.

فَأَيْنَ تَذْهَبُونَ ۝٢٦

Waar gaat (dwaalt) gij dus heen?

إِنْ هُوَ إِلَّا ذِكْرٌۭ لِّلْعَٰلَمِينَ ۝٢۷

De Koran is eene vermaning voor alle schepselen,

لِمَن شَآءَ مِنكُمْ أَن يَسْتَقِيمَ ۝٢۸

Voor dengene uwer, die geneigd is oprecht te wandelen.

وَمَا تَشَآءُونَ إِلَّآ أَن يَشَآءَ ٱللَّهُ رَبُّ ٱلْعَٰلَمِينَ ۝٢۹

Maar gij zult niet willen, tenzij God wil, de Heer van alle schepselen.